Kwaliteitsalliantie legt haar conclusies neer eind 2021

Een onafhankelijke werkgroep, in opdracht van Minister Weyts neemt de handboeken en digitale leermiddelen in het Vlaamse onderwijs kritisch onder de loep en zal waar nodig in haar advies naar de Minister mogelijke bijsturingen voor de kwaliteit suggereren.

Er wordt ook gekeken naar de invulboeken, die al vaker de wind van voren kregen en nogal te snel vanuit ongenuanceerdheid en vooroordelen verantwoordelijk worden geacht voor de dalende onderwijskwaliteit.

De coördinator van de onafhankelijke werkgroep is Luc De Man, een ancien in het Vlaamse onderwijslandschap. De Man was leerkracht, directeur, inspecteur en uiteindelijk hoofd van de pedagogische begeleidingsdienst van het GO! het gemeenschapsonderwijs. Hij neemt als onafhankelijk expert de rol op van bemiddelaar of brug­figuur.

Een advies aan de Minister zal geformuleerd worden in januari 2022.

Er is, maatschappelijk gezien, een enorme nood om in de leermiddelen te duiken. Er zijn veel positieve ontwikkelingen in de sector, maar er zijn af en toe excessen. Nu die worden benoemd vanuit percepties en vooroordelen. Zoals de kort door de bocht redenering ‘schaf de invulboeken af en de problematiek van de armoede in het onderwijs is opgelost’.

De experten groep zal naast de verschillende begripsbepalingen, stellingen funderen. Vanuit expertise of wetenschap. En ook benoemen wat niet kan geponeerd worden door het gebrek aan kennis en eventueel de noodzaak aan bijkomend onderzoek.

De Man brengt alle belanghebbenden in vijf clusters samen om een 'kwaliteitsalliantie' te vormen. ­Behalve de aanbieders (onder wie de uitgevers) en de gebruikers (leerkrachten, scholieren en ­ouders) zullen ook wetenschappers, lerarenopleiders en mensen uit de inspectie en pedagogische begeleidingsdiensten mee aan ­tafel schuiven.

Het resultaat moet vanuit een consensus groeien en breed gedragen zijn. Uiteindelijk zullen ook Google en Microsoft, die tijdens de coronacrisis een enorme opgang maakten, op de kwaliteitsindicatoren beoordeeld worden.

In het regeerakkoord werd inderdaad opgenomen dat er een ethische code wordt opgesteld met de uitgeverijen, ontwikkelaars en onderwijsverstrekkers om afspraken te maken over de ontwikkeling en het gebruik van invulhandboeken en onderwijssoftware. Het begrip ‘ethische code’ zou natuurlijk veronderstellen dat men momenteel niet ethisch bezig is. De Minister zou het dan ook iets positiever willen bejegenen en spreken over een kwaliteitsalliantie, een kwaliteitsalliantie met uitgeverijen en producenten allerhande. De minister heeft een neutraal persoon gevraagd om daar werk van te maken. De minister heeft in het voorjaar een overleg gehad met de Groep van Educatieve en Wetenschappelijke Uitgevers, de GEWU, en bij ons bestaat een absolute bereidheid om werk te maken van zo’n kwaliteitsalliantie.

Open Access: update

In september 2018 werd dit principe voor wetenschappelijke artikels als ‘recht van de onderzoeker’ echter federaal verankerd via een Programmawet. In deze wet wordt de embargotermijn gezet op 12 maanden (voor artikels in de humane en sociale wetenschappen) of 6 maanden (voor alle andere wetenschappen). Die termijnen maken de investering in vele publicaties door wetenschappelijke uitgeverijen niet altijd meer te verantwoorden.

 De interpretaties van de wetgeving kunt u terugvinden op onze  website:  klik hier

Andere recente infobronnen:

Financiering van onderzoek, innovatie en cultuur met Horizon Europa

Met een budget van 95,5 miljard euro versterkt Horizon Europe zijn culturele component met een cluster gewijd aan cultuur, creativiteit en inclusieve samenlevingen. De eerste oproepen tot het indienen van voorstellen hebben betrekking op groene technologieën voor de instandhouding van het cultureel erfgoed, de financiering van grote culturele instellingen en de culturele en creatieve industrieën als vector van innovatie.

Voor alle info: klik hier 

Open science politiek van de Europese Gemeenschap 2020-2024 
 
Opinie Open Science is top, maar de klim daarheen is steil — Hans Willems (Secretaris-generaal FWO)
 
Coalitie voor open access in Europa
 

125 jaar wereldstrijd voor basisrechten vrijheid uitgeven en copyright

IPA (International Publishers Association, waarvan GEWU lid) bestaat  125 jaar.

In de onderstaande video kunt u terugblikken op de geschiedenis van het internationaal vechten "om te mogen uitgeven" en de link naar de basisrechten van de auteur en de uitgever. Niet zo evident. In bepaalde landen nog steeds niet. Auteurs of uitgevers die monddood gemaakt worden. In 2021 nog steeds. 
Bekijk hoe onze activiteit een unieke bijdrage levert aan de vrijheid van mensen en vrede.   Het samen vechten voor freedom of speech en copyright wereldwijd. Ook in onderwijs en wetenschap.  Voor boeiende film: klik hier

"Toegankelijkheid Nu". Live stream of evenement op de Frankfurter Buchmesse

Elke uitgever die in 2025 zijn e-boeken in Europa verkoopt en alle actoren in de toeleveringsketen van e-publishing zullen de Europese toegankelijkheidswet moeten naleven. De Federation of European Publishers (FEP), de International Publishers Association (IPA) en de World Intellectual Property Organization (WIPO) organiseren een evenement over dit thema tijdens de Frankfurter Buchmesse, 's werelds grootste vakbeurs voor de uitgeversbranche.

Het evenement wordt ook georganiseerd in samenwerking met Aldus UP, het Europese netwerk van boekenbeurzen dat de internationalisering van de boekensector en de innovatie van het formaat van boekenbeurzen bevordert.
 "TOEGANKELIJKHEID NU: BENT U KLAAR VOOR DE EUROPESE TOEGANKELIJKHEIDSWET IN 2025?"
In deze praktische sessie komen internationale toegankelijkheidsexperts bijeen die u alles zullen vertellen wat u moet weten over de act en hoe u compliant kunt zijn.
Woensdag 20 oktober, 15.00 uur, Live stream op buchmesse.de
 Onderwerpen en sprekers
In juni 2025 wordt de Europese toegankelijkheidswet van kracht, die elke uitgeverij die zaken doet in Europa verplicht haar e-boeken in toegankelijke formaten beschikbaar te stellen. Het seminar zal zich richten op twee vragen: wat moeten uitgevers doen en hoe kunnen ze dat doen? James Taylor, directeur communicatie van IPA, leidt een panel met gasten: Laura Brady van House of Anansi, Rachel Comerford van Macmillan Learning en Cristina Mussinelli van Fondazione LIA.
 
Tijdens dit evenement zullen WIPO en Accessible Books Consortium de namen onthullen van de winnaars van editie 2021 van ABC International Excellence Award for Accessible Publishing.

Auteursrechten en naburige rechten in de digitale eengemaakte markt

De ministerraad keurt op voorstel van minister van Economie Pierre-Yves Dermagne en minister van Justitie Vincent Van Quickenborne een voorontwerp van wet goed inzake auteursrechten en naburige rechten in de digitale eengemaakte markt.

Het voorontwerp strekt ertoe de Europese Richtlijn (EU) 2019/790 van 17 april 2019 inzake auteursrechten en naburige rechten in de digitale eengemaakte markt om te zetten in Belgisch recht. In dit kader voorziet het ook in een nieuwe regeling die ertoe strekt de auteursrechten en de naburige rechten op het internet beter te doen naleven.

Een eerste luik van de richtlijn voorziet in vier nieuwe verplichte uitzonderingen wat de auteursrechten en de naburige rechten betreft. Het gaat om uitzonderingen betreffende het verschijnen van digitale technologieën inzake onderzoek, innovatie, onderwijs en behoud van het cultureel erfgoed, waardoor nieuwe soorten gebruik mogelijk zijn die tot nog toe niet voorzien waren in een uitzonderingsregeling. Concreet schrijft de richtlijn de lidstaten voor om in hun nationale wetgeving te voorzien in uitzonderingen voor het gebruik van technologieën voor tekst- en datamining, voor de illustratie in het onderwijs in de digitale omgeving en voor het behoud van het cultureel erfgoed.

Het tweede luik voorziet in een regeling met betrekking tot werken of prestaties die niet of niet meer in de handel beschikbaar zijn, zogenoemde “out of commerce works”. Deze werken kunnen met andere woorden niet meer via de gebruikelijke kanalen worden verworven. De doelstelling van deze regeling bestaat erin culturele erfgoedinstellingen deze werken te laten gebruiken (zoals bijvoorbeeld het digitaliseren van hun collecties of het online beschikbaar stellen ervan aan het publiek).

Het derde luik van de richtlijn is erop gericht de positie van de rechthebbenden te versterken ten aanzien van het online gebruik van hun werken:

  • een nieuwe regeling met betrekking tot online perspublicaties, waardoor uitgevers het online gebruik van hun perspublicaties beter kunnen controleren
  • een nieuwe regeling voor het gebruik van werken en prestaties door verleners van een onlinedienst voor het delen van content
  • een billijke vergoeding van auteurs en uitvoerende kunstenaars in exploitatiecontracten

Het voorontwerp van wet voorziet bovendien  in een nieuwe procedure in de strijd tegen massale online inbreuken. De grote online-contentplatformen moeten maatregelen nemen om content te verwijderen indien ze voor deze content geen licentie van de rechthebbenden hebben verkregen. Het gaat om inbreuken op het auteursrecht, de naburige rechten en het sui generis databankenrecht. Concreet voorziet het wetsontwerp in een nieuwe procedure in kortgeding, met de bedoeling snel en op duurzame wijze een einde te maken aan online inbreuken die op kennelijke wijze en op grote schaal plaatsvinden.

Tot slot voorziet het wetsontwerp ook in de oprichting van een nieuwe dienst binnen de FOD Economie: de Dienst voor de Strijd tegen Inbreuken op het Auteursrecht en de Naburige Rechten op het Internet. Deze dienst heeft de bevoegdheid om de nadere toepassingsregels van de voorlopige maatregelen zoals bevolen door de rechter verder te preciseren en ze aan te passen om de doeltreffendheid ervan te garanderen.

Het voorontwerp wordt ter advies voorgelegd aan de Raad van State.

Ten slotte zullen de rechten van de persuitgevers en de mogelijkheid van een recht op vergoeding voor uitvoerende kunstenaars verder moeten worden bestudeerd. Vervolgens zullen ze opnieuw door de ministerraad onderzocht worden met het oog op een betere bescherming van de meest zwakke partij. Er zijn vragen gesteld aan de Europese Commissie en aan een juridisch adviesbureau om na te gaan welke manoeuvreerruimte hiervoor beschikbaar is.